Ruige, open plekken met overzicht. Denk: akkerranden, extensief grasland, dijken, braakstukjes. En vooral: wintervoer dat blijft staan. Laat wat stroken met zaaddragende kruiden en grassen staan tot in februari. Plant meidoorn of sleedoorn in de buurt voor luwte, maar hou het landschap open.
: Zaadeter met een zachte spot voor insecten in het broedseizoen. Hij helpt zaden opruimen én voert zijn jongen met rupsen, kevers en sprinkhanen. Minder insecten = minder jongen. Hij is ook prooi voor roofvogels: een grauwe gors op het menu betekent dat je voedselketen nog werkt.
Heel schaars als broedvogel. Sporadisch te zien, soms in winter als dwaalgast.
In Nederland praktisch verdwenen als broedvogel. Elke geschikte, kruidenrijke akkerrand is winst.
OH NEEEEE, hoe klinkt de Grauwe Gors dan?! We hebben nog geen goede opnames van deze vrolijke fluiter in onze database. weet jij het? Heb je hem wel eens gehoord? of heb je een goeie opname van deze soort, laat het ons weten en mail naar: [email protected]
We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.